Wanneer is het een onbelaste vrijwilligersvergoeding en wanneer is het belast loon?

Wanneer is het een onbelaste vrijwilligersvergoeding en wanneer is het belast loon? 

Vrijwilligersvergoeding

In de volgende gevallen krijgt u een vrijwilligersvergoeding:

  • U hebt afgesproken dat u voor uw inzet per uur een vergoeding ontvangt. U bent 23 jaar of ouder. U krijgt een vergoeding van maximaal € 4,50 per uur, met een maximum van € 150 per maand en € 1.500 per jaar. Deze maximumbedragen gelden voor het totaal van de vergoeding voor uw inzet.
  • U hebt afgesproken dat u voor uw inzet per uur een vergoeding ontvangt. U bent jonger dan 23 jaar. U krijgt een vergoeding van maximaal € 2,50 per uur, met een maximum van € 150 per maand en € 1.500 per jaar. Deze maximumbedragen gelden voor het totaal van de vergoeding voor uw inzet.
  • U hebt niet afgesproken dat u voor uw inzet per uur een vergoeding ontvangt. U ontvangt een vergoeding die zo laag is dat deze niet in verhouding staat tot de omvang en het tijdsbeslag van het werk. Dan mag de vergoeding maximaal € 150 per maand en € 1.500 per jaar zijn. Deze maximumbedragen gelden voor het totaal van de vergoeding voor uw inzet.

Als u een bijstandsuitkering ontvangt en vrijwilligerswerk doet

Krijgt u een bijstandsuitkering en daarnaast een vergoeding voor vrijwilligerswerk? Dan verandert de hoogte van uw uitkering niet als de vergoeding voor het vrijwilligerswerk maximaal € 95 per maand is en maximaal € 764 per jaar.

Als het gaat om vrijwilligerswerk dat de gemeente noodzakelijk vindt voor uw re-integratie, dan verandert de hoogte van uw uitkering niet als de vrijwilligersvergoeding niet hoger is dan € 150 per maand en € 1.500 per jaar.

Bron: Belastingdienst

Toelichting op deze informatie:

  • Voorbeeld: als je 100 uur werkt voor € 2 per maand moet er mogelijk loonheffing worden ingehouden, want het bedrag is meer dan € 150, namelijk € 200.
  • Vaak kan dat via een IB47 formulier door werkgever aangegeven worden..

Als u alleen deze vrijwilligersvergoedingen krijgt (dus zonder onkostenvergoedingen), dan zijn deze onbelast.

De organisatie waarvoor u vrijwilligerswerk doet, hoeft deze vergoedingen niet aan de Belastingdienst door te geven.

Let op:

Je mag geen vrijwilligerswerk doen bij een organisatie die vennootschapsbelasting betaald of daarvan is vrijgesteld.

Je mag de werkzaamheden ook niet doen voor je beroep. Als de beloning marktconform is dat is het namelijk geen vrijwilligerswerk meer. Bijvoorbeeld als je een contract hebt, mag je niet onbelast voor minder geld gaan werken onder het mom van vrijwilliger.

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Wat zijn de consequenties van een latere AOW leeftijd?

Wat zijn de consequenties van een latere AOW leeftijd?

 

Weet u wanneer u uw AOW-leeftijd bereikt?

De AOW-leeftijd is de leeftijd waarop de AOW-uitkering ingaat. Vanaf dat moment hebt u ook te maken met andere belastingtarieven en heffingskortingen. Vanaf 1 januari 2013 verandert ieder jaar de AOW-leeftijd. Kijk in de tabel hieronder wanneer u de AOW-leeftijd bereikt.

Uw geboortedatum Jaar waarin u  AOW krijgt Leeftijd waarop uw  AOW-uitkering ingaat
voor 1 januari 1948 2012 65
na 31 december 1947  en voor 1 december 1948 2013 65 + 1 maand
na 30 november 1948  en voor 1 november 1949 2014 65 + 2 maanden
na 31 oktober 1949  en voor 1 oktober 1950 2015 65 + 3 maanden
na 30 september 1950  en voor 1 juli 1951 2016 65 + 6 maanden
na 30 juni 1951  en voor 1 april 1952 2017 65 + 9 maanden
na 31 maart 1952  en voor 1 januari 1953 2018 66
na 31 december 1952  en voor 1 september 1953 2019 66 + 4 maanden
na 31 augustus 1953  en voor 1 mei 1954 2020 66 + 8 maanden
na 30 april 1954  en voor 1 januari 1955 2021 67

Bron Belastingdienst

De verhoging van de AOW leeftijd is noodzakelijk omdat de beroepsbevolking krimpt en het aantal 65-plussers toeneem

Bent u geboren op of na 1 januari 1955?

Dan is uw AOW-leeftijd minimaal 67 jaar.

Later wordt bekend wanneer u precies AOW krijgt.

 

Vanaf 2022 is de AOW-leeftijd afhankelijk van de gemiddelde levensverwachting. U weet 5 jaar van te voren wanneer u AOW krijgt.

 

Langer premie betalen:

Mensen tussen de 65 en de nieuwe AOW leeftijd moet AOW-premie betalen.

De leeftijdsgrens voor de premieplicht schuift dus mee met de leeftijdgrens van de AOW.

 

Compensatie (Oplossingen)  voor mensen met een laag vermogen en inkomen om het AOW gat op te vangen.

 Er is een overbruggingsuitkering tot het jaar 2018 voor mensen met een inkomen dat lager is dan 150% van het wettelijk minimumloon en/of een vermogen dat lager is dan de Box 3 vrijstellingsgrens die elk jaar aangepast wordt.

Het inkomen van de aanvrager en van de eventuele partner worden samen genomen en moeten dus onder de 150% zitten van het wettelijk minimum loon..

 

In 2017 is die grens € 25.000 en voor fiscaal partners is dat € 50.000.

Bezittingen voor eigen gebruik zoals de auto of de inboedel tellen niet mee als vermogen.

De overbruggingsregeling stopt in 2018.

De leeftijdsgroep die dan 65 jaar wordt zou genoeg tijd hebben gehad om zich op de latere AOW leeftijd voor te bereiden door te sparen of door het naar voren halen van een aanvullend pensioen.

 

Voor mensen die onder het sociaal minimum dreigen te komen kunnen een beroep doen op de (bijzondere) bijstand.

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Tips in verband met bedrijfsbeëindiging

Tips in verband met bedrijfsbeëindiging

 

Tips over wat u moet doen als u uw bedrijf beëindigt:

  • de administratie van het bedrijf afsluiten
  • de jaarstukken tot en met de datum van de bedrijfsbeëindiging opmaken
  • na een eindberekening een slotaangifte omzetbelasting doen

Bron : Belastingdienst

 

Opmerkingen:

Over punt 3 valt meer te zeggen.

Als iemand zich uitschrijft bij de KvK op 1 oktober, dan moet hij of zij gewoon in het 4e kwartaal van dat jaar aangifte blijven doen.

Op zich is dat niet zo erg, want vaak komen er nog kosten na het sluiten van het bedrijf, in dit geval na het 3e kwartaal..

Denk aan het betalen van  huur dat nog een tijd doorgaat i.v.m. opzegtermijn. Of aan de kosten van de boekhouder die alles netjes moet gaan afronden.

Als iemand zich dus op 1 oktober uitschrijft, dan wordt zijn BTW nummer op zijn vroegst per 1 januari het jaar daarop afgevoerd. De ondernemer krijgt daar als het goed is een brief over van de Belastingdienst.

Het is verstandig om altijd rond de aangifte periode je domein in te gaan met je inloggegevens, zodat je kunt  zien of er toch weer een aangifte klaar is gezet. Als dat zo is, kan je simpel een nul aangifte doen. Dat is zo gebeurt. Dat bespaart je een naheffingsaanslag. En een daarop volgend bezwaarschrift. En natuurlijk de nodige stress en tijd.

In het geval dat je in deze situatie geen aangifte meer hoeft te doen in het 4e kwartaal voor de omzetbelasting, kan je de btw van de kosten na de staking van je bedrijf via een brief aan de Belastingdienst bekend maken. In dat geval kun je die btw vaak als nog weer terugkrijgen.

Het terugvorderen van die inkoop btw kan namelijk niet via een suppletie-aangifte (die altijd voor een eerder periode is), verrekend worden omdat het nu toekomstige inkoopfacturen betreft.

Het kan ook wel eens gebeuren dat je aangifte moet doen, maar ondertussen je inloggegevens van je Portal kwijt bent geraakt. Geen nood, want nieuwe inloggegevens  zijn weer op te vragen, en vaak snel weer in huis..

 

Uitschrijving in de KvK wordt vaak verplicht gesteld als je gebruik gemaakt hebt van een BBZ lening. Daarna kan je eventueel de schulden gaan oplossen.

In andere gevallen is het beter om pas je uit te schrijven bij de KvK als alles is afgehandeld. Dat kan ook met terugwerkende kracht.

Soms kan je ook nog te maken hebben met nagekomen belaste opbrengsten zoals bij het toepassen van de KOR. Dat is dan zo gebeurt bij een nog actief btw nummer!

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Bijtelling privégebruik auto 2016

Bijtelling privégebruik auto 2016

 

Rijdt u privé met een auto die tot uw ondernemingsvermogen behoort?

Dan moet u een bedrag bij de winst tellen voor het privégebruik, tenzij u kunt aantonen dat u op jaarbasis niet meer dan 500 kilometer privé hebt gereden.

De bijtelling is een percentage van de cataloguswaarde van de auto.

In 2016 zijn er 4 tarieven voor de bijtelling: 4%, 15%, 21% en 25%.

De bijtelling is afhankelijk van de CO2-uitstoot van de auto.

De uitstootgrenzen worden ieder jaar opnieuw vastgesteld.

De onderstaande tabel geldt voor auto’s die in 2016 voor het eerst op naam zijn gezet.

Tabel percentage bijtelling 2016

Categorie CO2-uitstoot in gram per kilometer
4% bijtelling 0
15% bijtelling meer dan 0, maar niet meer dan 50
21% bijtelling meer dan 50, maar niet meer dan 106
25% bijtelling meer dan 106

Hoe lang geldt het verlaagde percentage?

Valt u in een verlaagd bijtellingspercentage (4%, 15% of 21%)?

Dat percentage geldt voor een periode van 60 maanden.

Deze periode gaat in op de 1e dag van de maand die volgt op de maand waarin voor het eerst een kenteken is afgegeven.

Wordt een auto op 7 maart tenaamgesteld, dan start de 60-maandsperiode dus op 1 april.

Direct na afloop van de periode van 60 maanden wordt het percentage opnieuw vastgesteld aan de hand van de regels die op dat moment gelden.

Het nieuwe percentage geldt dan weer voor een periode van 60 maanden.

Auto’s ouder dan 15 jaar

Bij auto’s die ouder zijn dan 15 jaar is de bijtelling 35% van de waarde in het economisch verkeer (dagwaarde).

Als een auto bijvoorbeeld 15 jaar oud wordt op 1 mei, gaat u de eerste 4 maanden uit van de cataloguswaarde en de overige maanden van de waarde in het economische verkeer.

Bron: Belastingdienst

 

Toelichting

 

Hoe bijtelling voorkomen?

Alleen bij een sluitende rittenregistratie waarmee je aan kan tonen dan je niet meer dan 500 km per jaar privé rijdt, is er geen bijtelling.

Er bestaat ook een Keurmerk RitRegistratieSysteem, die volgens de Belastingdienst sluitend is. Er is nog wel een controle mogelijk om vast te stellen of een rit privé of zakelijk is.

De aanschaf van een laadpaal voor een elektrische auto die deel uit maakt van het ondernemersvermogen is aftrekbaar. Het verhoogd de cataloguswaarde van de auto niet.

Hoe bijtelling van 2 auto’s op zaak voorkomen?

Als er één rijbewijs is in een gezin, en er zijn twee auto’s op de balans, dan geldt toch twee keer een bijtelling, tenzij je voor één of meer auto’s een sluitende rittenadministratie bij gehouden hebt, die aantoont dat je niet meer dan 500 km er privé mee hebt gereden.

Dan heb je er nauwelijks privé voordeel van gehad, zodat het niet belast hoeft te worden met een bijtelling.

 

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Kosten met een drempel en een vast bedrag.

Tips en opmerkingen

Voor de volgende kosten geldt een drempel. U mag alleen het bedrag boven de drempel aftrekken. Deze drempel geldt voor de volgende kosten:

  • kosten voor voeding, drank en genotmiddelen
  • kosten voor representatie, zoals recepties, feestelijke bijeenkomsten en vermaak
  • kosten voor onder meer congressen, seminars, symposia, excursies en studiereizen (ook reis- en verblijfskosten)

Voor reis- en verblijfskosten is er een aftrekbeperking van maximaal €1.500.

Jaar Bedrag drempel
2016 € 4.500
2015 € 4.500
2014 € 4.400

Voorbeeld

 

U maakt in 2016 de volgende kosten:

  • € 1.200 voor voedsel, drank en genotmiddelen
  • € 3.500 voor een receptie
  • € 2.500 voor reis- en verblijfskosten voor het bijwonen van congressen

De totale kosten zijn € 7.200. Maar van de reis- en verblijfskosten (€ 2.500) mag u maximaal € 1.500 aftrekken.€ 2.500 – € 1.500 = € 1.000. Dat brengt de kosten op € 6.200 (€ 7.200 -€ 1.000). Verminderd met de drempel (€ 4.500) komt u uit op een bedrag van € 1.700. Dit bedrag mag u als kosten aftrekken.

Aftrek van deze kosten zonder drempel

In uw aangifte inkomstenbelasting mag u ervoor kiezen om deze kosten voor 73,5% af te trekken. (Vanaf 1 januari 2017 is dat 80%).U hoeft dan niet boven de drempel uit te komen. De aftrekbeperking van reis- en verblijfskosten van maximaal € 1.500 blijft wel gelden.

Voorbeeld

U maakt in 2016 de volgende kosten:

  • € 1.000 voor voedsel
  • € 1.500 voor een receptie

De totale kosten zijn€2.500. Het bedrag dat u mag aftrekken als kosten is 73,5% van € 2.500 = € 1.838.

Kosten met een vast bedrag

Voor de kosten van privé vervoermiddelen (bijvoorbeeld auto of fiets) geldt een vast bedrag. U mag € 0,19 per zakelijk gereden kilometer aftrekken als gemaakte kosten.

 

Opmerkingen:

In artikel 3.15 lid 4 Wet inkomstenbelasting 2001 staat aangegeven dat de kosten die verband houden met eten en drinken voor belastingplichtige zelf niet in aftrek gebracht mogen worden.

Met andere woorden: Er moet een zakelijk belang zijn voordat je de 73,5% regel mag toepassen.

Wat niet mag:

Een etentje organiseren met andere ZZP’ers, terwijl elke ZZP-er voor zich zelf betaald.

In dit geval mag niemand iets aftrekken.

 

Als een ZZP’er iets organiseert met een zakelijk doel, en die ZZPér betaald alles, dan mag hij de kosten wel aftrekken voor 73,5%

 

Als iemand koffie van huis mee neemt voor onderweg naar klanten toe, dan zijn de koffiebonen of de koffiepoeder niet aftrekbaar. De Belastingdienst gaat er vanuit dat je die koffie ook zou drinken als je gewoon thuis was.

 

De hoofdregel: alle kosten zijn voor de uitoefening van je onderneming aftrekbaar.

Bepaalde kosten zijn niet aftrekbaar of gedeeltelijk aftrekbaar vanwege privé voordelen.

 

Tips:

Inkomstenbelasting:

  1. Schrijf bij zakelijke etentjes met relaties de namen van de relaties en bedrijfsnamen op de factuur.

Omzetbelasting:

  1. Wanneer je een bon of factuur krijgt die niet op naam staat van jouw bedrijf, dan moet je die betalen met een bankpas of creditcard. Denk bijvoorbeeld aan een tankbon.

In dat geval mag je de btw aftrekken, ook als die bon/factuur niet aan alle factuur eisen voldoet.

  1. BTW voor kosten voor voeding, drank en genotmiddelen is niet aftrekbaar.
  2. Bij twijfel, bijvoorbeeld: “ Is een etentje tijdens een vergadering van twee v.o.f. partners aftrekbaar? kan je dat schriftelijk voor leggen aan belastingdienst, en aangeven waarom het volgens jou aftrekbaar moet zijn.

Let op: in 2017 wordt het percentage 80% in plaats van 73,5%.

Voor de BTW gelden weer andere regels. De aftrekbaarheid voor representatie zoals het geven van een fles wijn aan een werknemer of aan een opdrachtgever, is per relatie aftrekbaar tot € 227.  Als je zelf ook gebruikt maakt van die fles wijn dan moet je het corrigeren met het privé deel. Bijvoorbeeld 50% van de btw aftrekken.

Bij horeca gelegenheden is de btw weer niet aftrekbaar.

 

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Algemene heffingskorting is inkomensafhankelijk

Algemene heffingskorting is inkomensafhankelijk

Vanaf 2014 is de algemene heffingskorting inkomensafhankelijk.
De algemene heffingskorting wordt namelijk lager vanaf een inkomen van € 19.645.
De verlaging is 2% van uw inkomen in box 1 dat € 19.645 of meer is (of 1,012% als u op 31 december 2013 de AOW-leeftijd hebt bereikt).
Is uw belastbaar inkomen in box 1 € 56.495 of meer? Dan is de verlaging van de algemene heffingskorting maximaal.
De algemene heffingskorting is dan € 1.366 (of € 693 als u op 31 december 2013 de AOW-leeftijd hebt bereikt).
Voorlopige aanslag:
De voorlopige aanslag 2014 die u hebt ontvangen of nog ontvangt, gaat uit van een algemene heffingskorting van € 2.103 (of € 1.065 als u op 31 december 2013 de AOW-leeftijd hebt bereikt).

Is uw algemene heffingskorting bij uw aangifte inkomstenbelasting 2014 lager, bijvoorbeeld € 1.366?
Dan moet u het verschil betalen bij de aanslag 2014 die u volgend jaar ontvangt nadat u aangifte inkomstenbelasting 2014 hebt gedaan.

Bron Belastingdienst

 

Toelichting:

Terugbetalen algemene heffingskorting met rente

Bij uitbetaling van de heffingskorting is de minst verdienende partner afhankelijk van het inkomen van de meest verdienend partner.

Dat kan ook betekenen dat er gecorrigeerd wordt op de uitbetaalde algemene heffingskorting bij een definitieve aanslag,
wat kan betekenen dat de minst verdiende partner weer een hoop van de uitbetaalde algemene heffingskorting met rente terug moet betalen.

Hoe voorkomen dat de minst verdienende partner terug moet betalen met rente?

Het is dus verstandig om bij het doen van de aangifte van een bepaald jaar, direct de voorlopige aanslag die op dat moment loopt te wijzigen op grond van het dan bekende inkomen.

Bij aangifte 2016 kan men dus meteen een VT2017 indienen of deze aanpassen om dit probleem zo snel mogelijk te tackelen.

De Belastingdienst laat lopende bedragen van het jaar 2017 meestal ongewijzigd. Zoals de uitbetaling van de algemene heffingskorting.
Bovendien weet de Belastingdienst niet of er in 2017 niet iets is veranderd t.o.v. 2016.

Dus je moet zelf zo snel mogelijk aan de bel trekken door de Belastingdienst op de hoogte te stellen van het gewijzigde inkomen.

Een zelfde verhaal geldt ook voor toeslagen (huur, zorg, en kinderopvangtoeslag). Dus direct een nieuwe berekening maken op grond van de dan bekende gegevens, zodra de aangifte de deur uit is. Deze zijn ook inkomensafhankelijk

 

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Ontwikkelingen digitale post en ondersteuning burgers

Digitaal communiceren is voor een aantal mensen nog steeds een probleem.

Staatssecretaris Wiebes heeft de Tweede Kamer geïnformeerd dat de uitnodiging tot het doen van aangifte volgend jaar digitaal en ook nog op papier wordt verstuurd.

De Belastingdienst heeft de afgelopen periode verkend of de uitnodiging om aangifte te doen alleen digitaal verstuurd kan worden naar de Berichtenbox van MijnOverheid.

De conclusie is dat de tijd nog niet rijp is om deze aangiftebrief inkomstenbelasting enkel digitaal te versturen.

Sommige voorzieningen die het raadplegen van de aangiftebrief in de Berichtenbox voor burgers en hun helpers gemakkelijk maken, zoals een Berichtenbox-app of een machtigingsmogelijkheid voor organisaties, zijn nog niet zo ver ontwikkeld als eerder werd verwacht.


Stap voor stap
De Belastingdienst maakt de overgang van papier naar digitaal stap voor stap.
Dit duurt zeker 5 tot 7 jaar.
Post die de Belastingdienst naar de Berichtenbox verstuurt, ontvangt men de eerste 2 jaar ook nog op papier.

Met ingang van dit najaar verzendt de Belastingdienst een aantal nieuwe berichten op papier én digitaal naar:

de Berichtenbox van MijnOverheid.

Het gaat om de volgende berichten van de inkomstenbelasting:

– ambtshalve aanslagen  – navorderingsaanslagen  – ambtshalve verminderingen  – beslissingen op bezwaar  – carry back  – reactie op verzoeken voor een voorlopige aanslag  – teruggaven bij middeling.

Oplossingen:

Ondersteuning burgers Samen met veel helpende partijen ondersteunt de Belastingdienst burgers zo goed mogelijk, ook bij de omschakeling naar digitaal berichtenverkeer.

Er is ook digihulp via de bibliotheken. Mensen kunnen gratis cursussen volgen waarin ze leren om te gaan met een computer en internet, zodat zaken doen met de overheid makkelijker wordt.

Verder is er gratis toegang tot computers met internet faciliteiten met mogelijkheden tot printen.

Voor mensen die niet in staat zijn om hun digitale post te bekijken en voor wie het machtigen geen oplossing is, kunnen een kopie van hun digitale berichten ontvangen.

Daarvoor kunnen zij bellen met de Helpdesk Digitale Post (0800-2358352).

Andere oplossingen kunnen dan ook besproken worden.

Kortom: het digitale communicatie probleem is oplosbaar!

 

Bronnen: Belastingdienst

 

 

 

 

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Schijnzelfstandigheid

Schijnzelfstandigheid

 

Vooral in de zorg, het onderwijs en in de bouw was volgens de belastingdienst vaak sprake van schijnzelfstandigheid.
Bij schijnzelfstandigheid zou iemand eigenlijk in loondienst moeten, terwijl de indruk gewekt wordt dat iemand zelfstandig ondernemer is.
In dat geval is er geen arbeidsovereenkomst, waardoor de zelfstandig ondernemer zelf voor het afdragen van zijn belasting en ZVW premies moet zorgen.

Een van de criteria is bij schijnzelfstandigheid dat er sprake is van een gezagsverhouding, of in het geval dat er maar sprake is van één (grote) opdrachtgever, waardoor de zelfstandig ondernemer totaal van deze opdrachtgever afhankelijk is.

Het is dus zaak alles goed vast te leggen in een overeenkomst van opdracht als je problemen met de Belastingdienst wil voorkomen. Vandaar dat in 2016 er veel te doen is geweest over de DBA, die de VAR is gaan vervangen.

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Belastingaangifte, verplicht of niet?

Belastingaangifte, verplicht of niet?

 Voorbereiding:
Het verzamelen van al de benodigde gegevens kan tegenwoordig fysiek en digitaal.
Fysiek: het beste kan je hiervoor een map gebruiken. Denk ook aan de reiskilometers die je naar de dokter gemaakt hebt, en aan de schriftelijke bewijzen van je giften. Tevens de WOZ-beschikking van 1-1-2015 peildatum als je in een koopwoning woont.

Wie moet aangifte doen?

Aangiftebrief ontvangen van de belastingdienst?:
Iedereen die een aangiftebrief heeft ontvangen van de Belastingdienst is verplicht aangifte te doen!
Ook als je € 0 moet betalen! De aangiftebrieven worden verstuurd in januari en februari door de Belastingdienst. De meeste mensen zullen die ontvangen in hun digitale berichten box  op www.overheid.nl

Je moet dan wel met je DigiD inloggen en toestemming geven aan verschillende instanties om daar hun berichten in te zetten. Bijvoorbeeld berichten van de Gemeente,  UWV en de Belastingdienst.

Zelfs als je geld terugkrijgt, maar geen aangifte doet, kan je een boete krijgen voor het niet doen of te laat doen van de aangifte.

Geen aangiftebrief ontvangen
Mensen die geen aangiftebrief hebben ontvangen zijn verplicht om aangifte te doen als ze minimaal €46 moet en betalen. Beneden dat bedrag is altijd vrijgesteld.
Het is dus verstandig om een test aangifte te doen, zodat je weet of je boven die € 45 aanslaggrens komt.
Het kan ook zijn dat geld terugkrijgt, dus het kan zeker geen kwaad om de proefberekening te doen.
Voor de proefberekening heb je wel een DigiD nodig die je eerst moet aanvragen als je die nog niet hebt. Dit kan je doen via de site: www.digid.nl

Niet verplicht om aangifte te doen
Dit is het geval als je geld terug krijgt en geen aangiftebrief hebt ontvangen.

Wanneer bijvoorbeeld verstandig om toch aangifte te doen?
Bijvoorbeeld vanwege een partner die inkomen heeft terwijl je dat zelf niet hebt. Je kan dan het voordeel hebben dat je meer dan € 1000 terugkrijgt dankzij een heffingskorting. Alleen bedrag dat meer is dan € 14 zal worden uitgekeerd.

Voor het jaar 2016 heb je dan tot 31-12-2021 de tijd om aangifte te doen in het geval dat je geld terugkrijgt).

Wanneer kan je aangifte doen als het verplicht is?
Dat kan vanaf 1 maart.

 

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon

Help! : Ik heb de Belastingdienst te laat betaald!

Help! : Ik heb de Belastingdienst te laat betaald,

Wat zijn de gevolgen?

 

Inkomstenbelasting:
Een voorlopige aanslag wordt niet uitbetaald als een schuld ermee verrekend kan worden.
Er volgt van de Belastingdienst een brief binnen 4 weken na de verrekening zodat je daarvan op de hoogte bent.

Toeslagen:
Toeslagen die terug betaald moeten worden, worden verrekend met toeslagen die u krijgt.
Als je niks  meer krijgt, dan moet het bedrag in principe in  1 keer terugbetaald worden.
Eventueel kan je 0800-0543 bellen voor een oplossing bij betalingsonmacht.

Ik heb een betalingsherinnering ontvangen:
Voor de betaaldatum betalen, betekent geen extra kosten.
Houdt rekening met de verwerkingstijd van je bank. Het moet op de rekening van de Belastingdienst staan. Die datum van ontvangst is bepalend of er op tijd betaald is.

Ik heb een aanmaning gekregen:
Dit kost €7 of €15 extra. Het hangt van de hoogte van de schuld af wat je moet betalen.
De kosten moet je altijd tegelijk met je schuld betalen.
Bij niet betalen binnen 2 weken na betaaldatum volgt een dwangbevel.

Ik heb een dwangbevel gekregen:
Je betaald dan minimaal €39 en maximaal €11.599 extra.
Dit komt bovenop de kosten van de aanmaning. De hoogte van de schuld bepaald de hoogte van de boete.

Niet betalen binnen 2 dagen van het dwangbevel
De Belastingdienst mag zonder toestemming het geld van je bankrekening halen.
Er kan ook beslag worden gelegd op je inkomen (loon of uitkering) en eigendommen.
Er wordt wel rekening gehouden met de beslagvrije voet. Dat is het minimale bedrag wat je nodig hebt om in je levensonderhoud te voorzien.

 

De belastingdeurwaarder kan beslag leggen op je eigendommen of op de eigendommen van je onderneming.
Niet op tijd betalen aan de belastingdeurwaarder
Bij niet op tijd betalen, worden de eigendommen openbaar verkocht via een executieverkoop.
Met de opbrengst wordt de belastingschuld betaald, inclusief de gemaakte kosten en invorderingsrente.

 

 

  • Twitter
  • del.icio.us
  • Digg
  • Facebook
  • Technorati
  • Reddit
  • Yahoo Buzz
  • StumbleUpon